woensdag 28 december 2016

Training Bram van den Berg: Blunders in de opening

Ter illustratie de nodige blunders die gemaakt zijn/worden in de opening, zie hieronder een aantal voorbeelden.


Ideeën om mee te nemen

-        Probeer te bedenken wanneer je na dient te denken in een stelling

-        Probeer een verdedigingsplan te bedenken als je tegenstander materiaal offert, waar moeten mijn stukken heen

-        Accepteer dat je tegenstander met een zettenreeks op de proppen komt die je niet kent (bijv voorbeeld 3), goede les voor volgende keer

-        Vraag jezelf altijd af, waarom doet mijn tegenstander deze (malle) zet

-        Vaak is het toch een kwestie van rekenen, rekenen, rekenen

1. Geef niet te vroeg op, opgeven kan altijd nog.
1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. d4 exd4 4.c3 dxc3 5. Lc4 Le7?! 6. Dd5!
Mijn tegenstanders hebben hier al een keer of 5 a 10 opgegeven, terwijl de stelling na 6. … Ph6! 7. LxPh6 0-0! Heel onduidelijk is. Wit kan zijn loper namelijk niet redden, 8. Lc1 Pb4! 9.Dd1 c2 en zwart heeft zelfs een pion meer.
De witspeler dient 8. Pxc3 te spelen met een gelijke stelling




2. Kopieer je tegenstander gerust maar blijf nadenken

1. e4 e5 2. Pf3 Pf6 3. Pc3 Pc6 4. Lc4 Lc5 5. d3 d6 6. 0-0 0-0 7. Lg5 Lg4 8. Pd5 Pd4 9. Dd2?! Dd7? De zwartspeler dacht ik doe gewoon precies hetzelfde wat kan er nu mis gaan? c6 of LxPf3 waren betere suggesties 10. LxPf6! LxPf3? 11. Pe7+ Kh8 12. LxPg7+ KxLg7 13. Dg5+ Kh8 14. Df6#



3. Rekenen,rekenen,rekenen
1. e4 c6 2. d4 d5 3. Pc3 dxe4 4. Pxe4 Pf6 5. PxPf6+ exPf6 6. Lc4 Le7 7. Dh5?! De witspeler probeert heel agressief iets te bewerkstelligen wat er nooit had mogen zijn 7. … 0-0! 8. Pe2 g6?! Beter is het gewoon eerst stukken te ontwikkelen, die dame staat gewoon slecht op h5 dus lekker laten staan 9. Df3 Pd7?? Zwart ontwikkelt te laat een stuk en wordt geconfronteerd met een te missen idee (ik had ook Pd7 kunnen spelen in deze stelling) 10. Lh6! Te8 11. Lxf7+ KxLf7 12. Db3#




4. Ook Karpov mist wel eens wat

1. d4 Pf6 2. c4 e6 3. Pf3 b6 4. a3  La6 5. Dc2 Lb7 6. Pc3 c5 7. e4 cxd4 8. Pxd4 Pc6 9. PxPc6 LxPc6 10. Lf4?! Wederom probeert wit met een actieve zet zwart het hoofd op hol te brengen en Karpov laat zich provoceren. 10. … Ph5?! 11. Le3 Ld6?? Misschien was Pf6 alsnog het beste hoe droevig ook. 12. Dd1 Terugzetten worden vaak gemist!


5. Je tegenstanders doet iets geks, wat zou hij daarmee willen bereiken
1. e4 c6 2. d4 d5 3. Pc3 dxe4 4. Pxe4 Lf5 5. Ld3?! Lg6 6. De2?! De witspeler probeert iets maar wat eigenlijk, De zwartspeler dacht mogelijk ik wil geen Pf6 doen want na PxPf6 moet ik gxPf6 doen en dat vind ik niet fijn, is volgens mij een prima speelbaar stelling overigens. Ging toen op zoek naar een nieuwe zet en kwam uit bij het verschrikkelijke  6. … Pd7? Waarna het plan met De2 zich in al zijn eenvoud ontvouwde 7. Pd6#



6. Agressie in de opening is prima, maar ken je opening
1. e4 e5 2. Pf3 Pc6 3. d4 exd4 4. Pxd4 Dh4 Daar heb je weer zo een vroege dame uitval  5. Pc3 Lc5 6. Le3 Pge7?? 2 volstrekt logische zetten na Dh4 besluit zwart tot deze blunder!  7. Pf3! Weer een terugzet, c5 hangt ineens en dat is het probleem! 7. … Dh5 8. g4 en stuk in de pocket


7.Let op wat je tegenstander dreigt
1. e4 c5 2. d4 cxd4 3. c3 dxc3 4. Pxc3 Pc6 5. Pf3 e6 6. Lc4 Dc7 7. 0-0?! Beter De2 eerst en na Pf6 e5! Pf6 8. De2 Pg4? Zwart speelt weer heel agressief, hier gekoppeld aan een positioneel idee, namelijk een paard op e5 krijgen. Wit dwingt zwart zijn plan zelfs af, maar mist iets veel ergers. 9. h3?? Pd4 en dameverlies is niet te voorkomen



Training Bram van den Berg: Toren tegen pion


1: Niet zetten maar simpel rekenen (bekeken vanuit beide zijdes)
Vraag: Hoeveel zetten heeft ieder  nodig het promotieveld te controleren?
Wit: 5
                           Zwart: 4
Wit aan zet: Wit wint
Zwart aan zet: Zwart maakt remise
Bijv Wit: 1. Kg5 c3 2. Kf4 c2 3. Tc8 Kb3 4. Ke3 Kb2 5.Kd2 1-0
Bijv Zwart: 1. … c3 2. Kg5 c2 3. Tc8 Kb3 4. Kf4 Kb2 ½-½
Nadeel: Dit werkt alleen als er geen diepe berekeningen nodig zijn en dat komt zelden voor.
Voordeel: Deze methode werkt als de beide koningen aan een andere zijde van de pion staan
Let op: Zetvolgorde blijft cruciaal, begint wit met 1.Tc8?? Dan maakt zwart alsnog remise met Kc3!



2: Rekenen met alleen koning positie (wit aan zet)

Met de vorige methode kunnen we deze ook vrij makkelijk oplossen. Staat de witte koning op een niet gemarkeerde (ster) positie dan is de witte koning op tijd.
Wit heeft vanaf al die velden 5 zetten nodig het promotieveld te controleren, Zwart heeft er 4 nodig.

3: De 5e rij (wit aan zet)
Als de koning en pion ver weg zijn van het promotieveld, is er nog een andere manier om af te snijden, de 5e rij is cruciaal. Dan kan de koning namelijk afgesneden worden, dit geldt met name voor een randpion of verder opgespeelde pion. Anders kan de koning er in principe omheen al kost dat vaak te veel tijd.
Vraag: heeft rekenen hier zin?
Antwoord: Ja, maar de conclusie moge duidelijk zijn.
Winnend: 1. Tg5 a4 2.Kg7 a3 (wat anders, anders komt de witte koning er ooit bij) 3.Tg3 en de pion gaat verloren




Voorbeelden:
Tg5 en wit wint

Tg5 en wit wint, niet vanwege afsnijden, combi afsnijden en koning erbij

Afsnijden is kansloos. Zwart maakt makkelijk remise.


4.Geactiveerde koning achter de pion, toren aan de zijkant (wit aan zet)
Een koning aan de ‘achterkant’ van de pion kan gecombineerd met een toren die van de zijkant aanvalt heel sterk zijn. Het juiste en enige  verdedigingsplan voor zwart is om te promoveren tot paard en een theoretische remise af te dwingen!
Zie voorbeeld:
1.Th4+ Kc3 2. Kc5 (omlopen is te langzaam) b3 3.Th3+ Kc2 4. Kc4 (koning blijft er achter staan!)  b2 5. Th2+ Kc1 6.Kc3! b1(P)+ En remise. Tip: het makkelijkst daarvoor is het paard zo dicht mogelijk bij de koning te houden.

5. Geactiveerde koning achter de pion toren aan de achterkant (wit aan zet)
Zo het naar voren duwen van de vijandelijke koning bracht niks, de enige kans is de koning aan de andere kant te brengen van de vijandelijk koning ten opzichte van de pion.
1.Th5 Kd4 2. Kc6! De koning probeert eromheen te gaan c4 3. Kb5 c3 4. Kb4 c2 5. Tc5 (Th1 wint ook) Kd3 6. Kb3 7. Kd2 Kb2 en wint
Let op! Het gaat om tempo, als zwart in deze stelling aan zet is maakt hij remise.
Extra opgave: Als zwart aan zet is en de witte toren staat op h8 of h1, hoe loopt het dan af?
Antwoord: Wit wint, op h8 na 1. … c4 Tc8!=
Samenvatting:
1)     De verdedigende koning aanvallen vanaf de achterkant helpt niet tegen een b,c,d,e,f,g pion, minorpromotie redt de dag
2)     In deze gevallen is de omtrekkende beweging winnend, zorg dat je koning aan de andere kant van de pion staat tov de verdedigende partij
3)     De koning heeft geen tijd voor een omtrekkende beweging, als de pion op de 5e rij staat, behalve als de toren ideaal gepositioneerd is
Extra voorbeelden koning aan de achterkant
Remise ongeacht wie aan zet. Minorpromotie, wit wint met toren op h1.
Wit wint ongeacht wie aan zet is. Koning maakt omtrekkende beweging (outflanking)

6. Koningen schouder aan schouder (wit aan zet)

1. Kg4! (Kh4 idem) Ke3 (d3? Te1+) 2. Kg3! (oppositie) d3 3. Te1+ Kd2 4. Kf2

Soms staan de koningen aan de zelfde kant van de pion en is winst toch mogelijk, dank zij de schouder aan schouder techniek in combinatie met een torenschaakje.
Daarmee breng je je koning dichterbij en zorg je voor minder mobiliteit bij de tegenpartij


7. Tijd winnen middels een schaakje (wit aan zet)
Een typische stelling, de verdedigende koning staat optimaal ten opzichte van de aanvallende koning, een schaakje kan dat oplossen. 1. Tf8! (enige winst, bijv: 1. Kd3 g3 2. Tf8+ Ke1! Of 1.Kd3 g3 2. Kd2 g2 3. Tf8+ Kg3! ) Ke2 2. Tg8! Kf3 3. Kd3 (schouder aan schouder) g3 4. Tf8+ Kg2 5. Ke2

8. Schouder aan schouder in combinatie met tijd winnen middels een schaakje (wit aan zet)
1. Ta2+ (de zwarte koning stond optimaal, dus een prima schaakje) Kf3 2. Ta8 e3 3. Tf8+ Ke2 4. Kg2

Samenvatting:
1)     Als beide koningen aan dezelfde kant van de pion staan is schouder aan schouder en schaak de beste kans
2)     Als de toren op een normale positie staat, win je als je met je koning schouder aan schouder staat voordat de pion op de 6e rij staat
9. De toren voor de pion, het belang van zetdwang(wit aan zet)
1. Te1? e4! (een nadelige zetdwang voor wit, de zwarte koning zorgt ervoor dat de witte de pion niet kan benaderen, elke torenzet over de onderste rij laat de pion doorlopen, elke torenzet naar boven kost dadelijk een tempo) 2. Ke7 (beste kans) Ke5! (de enige zet) 3. Kd7 Kd5! Remise er is geen weg langs of doorheen.
1. Te2 (of Te3) e4 2. Te1! Zie bovenstaande punten, zwart kan de de koning niet afhouden. Ke5 3. Ke7 Kf4 4. Kd6 Kf3 5. Kd5 e3 6. Kd4 en gewonnen
10. Speciale thema’s met een b of g pion (wit aan zet)
1. Tc7+ (tijdwinstschaak) Kb3 (Kd3? Tb7 en wit heeft genoeg tijd gewonnen) 2. Kd7 (Tb7? b4! Ook tijdswinst maar nu voor zwart) b4 3. Kd6! (Kc6? Kc4 schouder aan schouder aan de achterkant Kb6+ Kd3 rekenen 5 versus 4, remise) Belangrijk, je benadert de pion maar via een kleine omweg, om de zwarte koning niet de kans te geven naar de juiste kant te lopen. Ka2 4. Kc5! (of Kd5, zelfs Ta7+ maar dat is nog tricky), het gaat niet meer om de c-lijn! b3 5. Kb4! b2 6. Ta7+ Kb1 (had probleem van de b-lijn, anders had de koning opzij gekund) 7. Kb3! Kc1 8. Tc7+ Kb1 9. Tb7 (Tc2?? Ka1! Remise) Kc1 10.Ka2

Samenvatting:
Als je de verdedigende koning voor zijn b of g pion kunt zetten worden zijn verlieskansen groot

11. Randpion, pushen van de achterkant (wit aan zet)
1. Th4+ Kb3 2. Kb5 a3 3. Th3+ Kb2 4. Kb4 a2 5. Th2+ Kb1 6. Kb3! a1(p)+ 7. Kc3 en het paard gaat verloren
Conclusie: De koning opdrijven van de achterkant is een nuttige techniek omdat minor promotie niet helpt, let wel alleen tegen een randpion werkt dit.
12. Randpion, de sleutelstelling
Wit aan zet, wint: 1. Tb8+ Zwart aan zet remise: 1. … Kb2! 2.Tb8+ (2.Kd2 a2!, Tb8+ Ka1 pat) Kc1! 3. Kc3 a2 4. Ta8 Kb1 5. Tb8+ Kc1
Conclusie:  Een randpion is niet slechter dan een andere als de koningen schouder aan schouder staan vanwege pat motieven
13. Een pion op promotie tegen een toren (wit aan zet)
Alleen met de toren op c4 of g4 wint zwart, elke andere torenzet is remise! 1. Tc3+ Ke4 (Ke2? Tc8=) 2. Tc4+ Ke5! (Kf5 Tc8) 3. Tc5+ Ke6 4. Tc6+ Kf7 5. Tc7+ Kg6! 6. Tc6+ Kg5 7. Tc5+ Kg4 8. Tc4+ Kg3 9. Tc3+ Kg2 en zwart wint

SJ 1 net een maatje te klein voor Voerendaal


Afgelopen zaterdag mochten we onze koppositie verdedigen tegen directe concurrent Voerendaal. Vorig jaar wisten we voor het eerst sinds tijden de sympathieke Zuid-Limburgers een nederlaag toe te dienen, dus vol goede moed vertrokken we naar café Keulen in het heuvelachtige Klimmen, net niet euver de päöl. Niets werd aan het toeval overgelaten, alles was strak geregeld en we kwamen dan ook ruim op tijd aan in de speelzaal. Nu nog de goede zetten doen en dan zouden we een mooie stap richting een eventueel kampioenschap zetten.



We zaten net aan de koffie toen langzaam maar zeker alle spelers binnen kwamen druppelen. Dit leverde naast een gezellig weerzien met vele oude bekenden ook de nodige hilariteit op. Bij het zien van César keek Lars wie ein boetsauto: “Speel jij bij ons mee?!”, hetgeen hem op een bulderend lachsalvo van onze interne wedstrijdleider kwam te staan. Het was Lars even ontschoten dat ons derde op dezelfde locatie een degradatieduel met Voerendaal 3 uit mocht vechten, wat aan zijn verwarring een eind maakte. Het derde werd hierdoor kennelijk wel op scherp gezet, want ze wisten het duel met 5,5-2,5 gedecideerd naar zich toe te trekken. Met o.a. een punt aan het eerste bord van César.



Bij het plaatnemen achter te borden, bleek bij ons al gauw dat we een zware kluif aan onze tegenstander zouden hebben. Met maar liefst acht titelhouders lieten de Voelenders zien dat het hen menens was en we alles op alles zouden moeten zetten om de matchpunten mee naar Tilburg te nemen. Desalniettemin gingen we er zoals altijd vol bravoure tegenaan en dan zouden we wel zien hoe ver we kwamen. Dat was een redelijk eind, maar ditmaal niet ver genoeg. De eerste uitslagen waren gunstig voor ons, maar de Voerendalers bleken taai en in de laatste uren kantelde de wedstrijd.



Het eerste halfje werd in een kort zettenaantal, maar relatief laat aangetekend door Bianca. Tegen Patrick Driessens kwam al vlug een stelling op het bord met een pion meer voor Bianca, maar Patrick een optie tot zetherhaling had. Hij zocht naarstig naar alternatieven, maar na een stevig denkuurtje kwam hij tot de conclusie dat remise pakken de beste optie was. Ongetwijfeld niet wat beiden zich er van tevoren bij voorgesteld hadden, maar soms ontkom je er niet aan.



We kwamen op voorsprong door Jasper, die na een interessante openingsopzet langzaam maar zeker aan mocht tonen dat zijn paardenpaar meer potentie had dan het loperpaar van Henk Temmink. De paarden sprongen naar mooie velden en toen materiaalverlies onvermijdelijk bleek, kon Jasper een mooie overwinning aan zijn palmares toevoegen.



Ook Herman toonde weer eens aan dat hij in bloedvorm verkeert. Tegen een in allerijl opgetrommelde Christian Braun, trok hij fel van leer en verleidde de witspeler tot een stukoffer. Herman bleek de wilde complicaties uitstekend getaxeerd te hebben en mocht als beloning een eindspel met een sterk paard tegen twee pionnen meer tot winst voeren. Dit bleek een eenvoudige opgave voor onze topscorer, die daarmee op een bijzonder knappe 5 uit 5 kwam!



Na dit geweld volgden nog halfjes van Anne en Lars, die hun grootmeesterlijke tegenstanders keurig in bedwang hielden. Lars kreeg een lastige stelling op het bord tegen Felix Levin, maar zocht op tijd naar tegenspel en dit zal uiteindelijk afdoende zijn geweest voor een puntendeling. Anne offerde een kwaliteit tegen Daniel Hausrath en kreeg daar een pion en mooie velden voor terug. Het zag er op dat moment dusdanig rooskleurig uit voor ons dat de zaak forceren, voor zover dat überhaupt mogelijk was, een onnodig risico leek en Anne besloot dan ook het halve ei te nemen.



De stand begon er daardoor erg gunstig uit te zien voor ons, maar Voerendaal begon ook op enkele borden hun voordeel te cashen. Tijmen leek ontketend na zijn eerste overwinning voor SJ 1 dit seizoen, maar helaas kwam hij er in deze partij niet aan te pas tegen Bernhard Stillger. Op de vraag hoe zijn partij verlopen was, kwam hij op de terugweg niet verder dan “Ja….”, waarna verder vragen me overbodig leek.



Ook Nick wist zijn stelling niet droog te houden tegen Ivo Wantola. Gedurende de partij verloor hij steeds meer de controle over de stelling en kon hij het zwarte offensief geen tegenwicht bieden. Hij probeerde het eindspel nog lang te keepen, maar er bleek geen houden een, waarmee de stand weer gelijk getrokken werd.



Naast me zag ik dat Mark zich solide opstelde tegen Ruud van Meegen, maar Ruud toonde zich niet onder de indruk en zette zijn stuken goed neer. Wellicht dat Mark ergens een kansje op voordeel heeft gemist, maar zoals de partij zich voortzette wist Ruud keurig steeds meer zwaktes in het witte kamp te creëren, waardoor Mark genoodzaakt was een pion te geven. In plaats van deze meteen van het bord te snoepen, had Ruud er beter aan gedaan eerst nog wat lijnen te openen alvorens de materiële achterstand weg te poetsen. Nu kon Mark nog een vesting innemen, die het moeilijk maakte verdere vorderingen te maken. Na een remiseaanbod overwoog Mark kort om ijzer met handen te breken, maar hij zag in dat dit een onmogelijke opgave zou zijn en berustte in een puntendeling.



Met een 4-4 tussenstand leek het erop dat de wedstrijd in het gunstigste geval op 5-5 zou komen. Zelf was ik tegen Thomas Trella in een eindspel beland waarin twee resultaten mogelijk waren. Het was misschien niet verloren, maar mij was duidelijk dat Thomas zich dit tot het uiterste zou willen laten bewijzen. Stefan had na een aantal tactische schermutselingen en dame-eindspel op het bord tegen Valentin Buckels. Valentin had een pion meer, maar remise was zeker niet ondenkbaar. Een spannende climax hing in het verschiet!



Helaas ging het vanaf dit moment echter rap bergafwaarts voor ons. Stefan verloor zijn belangrijkste troef, de vrijpion op f3, en het was duidelijk dat hij bij nauwkeurig spel van wit niets meer in te brengen zou hebben. Dit maakte bij mij een ‘de dood of de gladiolen’-gevoel los, maar in het restant van de partij heb ik geen gladiool gezien en Thomas tikte het eindspel dan ook keurig uit. Ook bij Stefan gebeurden helaas geen wonderen meer, waardoor we de wedstrijd met 6-4 verloren.



Uiteraard waren we na afloop even van de wap, maar uiteindelijk bleek Voerendaal over het taaiere zitvlees te beschikken en daarmee valt er op hun zege weinig af te dingen. We besloten deze nederlaag van ons af te gaan eten bij ‘Touch of India’ in Eindhoven waar Herman, en wij in zijn kielzog, hartelijk ontvangen werden door de eigenaar. Tijdens deze heerlijke maaltijd was het weer gezelligheid troef en een blik op de stand leert ons dat een kleine misstap van Voerendaal genoeg is om ons weer volledig mee te laten doen. Aan ons dus om te druk erop te houden nu. Na een pauze in januari zal Venlo onze eerstvolgende tegenstander zijn, voor mij wederom een reünie met veel bekenden. Dan zullen we proberen iets oet d’n aek te gaon dreije!

Mart Nabuurs

Vraag 5  Wetenschapsquiz


Beste clubgenoten, vraag 5 baart mij grote zorgen. Hoofdverdachte bij deze vraag is, Tex de Wit. Een cabaretier, dat kunnen we door de vingers zien, maar ook een sterke schaker. Bij Lübach op zondag komt hij regelmatig zeer sterk uit de hoek, maar hij is nu ook verbonden aan de Wetenschapsquiz. Vraag 5 uit deze quiz gaat over schaken en is toch wel intrigerend. Mijn algebra schiet tekort om dit fatsoenlijk in te voeren en het bijbehorend kunstje te voltooien.

De vraag is als volgt: Anish Wladimir en Magnus spelen schaak en de winnaar blijft steeds zitten, terwijl de verliezer plaats maakt. Remise komt niet voor. Vroeger bij Engelien nog vaak gedaan, zonder na te denken over de wiskundige complicaties.

Anish speelt 17 partijen, Wladimir 15 en Magnus 10

De vraag luidt: Wie verloor de tweede partij? Een leuke uitdaging om een aantal Kerstbestanden aangenaam door te komen.

Stuur de uitgewerkte oplossing per omgaande naar mij dan kunt U bij de goede oplossing een aangename consumptie tegemoet zien.

Toon Mentink, specialist in mislukte quizen, maar dat zal wel fout gespeld zijn quizes dan maar.

Hoofdschuldige

Als je het leven wilt vereenvoudigen kun je de wereld het best indelen in opinies en feiten. Over beiden bestaat er overigens veel onenigheid en de munitie hiervoor zijn de argumenten. De argumenten dienen over en weer te vliegen, net als kogels en granaten. Kogels en granaten zijn helaas feiten, dus het beste is te zorgen dat je niet geraakt wordt. Opinies vliegen met argumenten ook over en weer, maar ontwijken helpt niet want je wordt altijd geraakt. Daarom houd ik van het schaakspel. Maar in de analyse komen de argumenten weer, terwijl het schaakspel in principe gaat over de feiten. Dus het is beter niet te analyseren.

In het prachtige pleidooi van Geert Jan Knoops in het "Wildersproces" kwam een hopeloze hoeveelheid argumenten en feiten op ons af en de rechters zeiden, geen probleem, wij hebben de wet. De wet ambieert goede opinies te hebben over de feiten maar dat wordt door de advocaten weer om zeep geholpen. Er moet dus een videoscheidsrechter voor de feiten komen.

Al deze onzin bedacht ik op de fiets naar Veldhoven. Stel je voor dat ik het verslag van SJ 5 zou moeten schrijven. In dat geval moet ik nog wel een paar keer op en neer fietsen, om dichter bij de feiten van de wedstrijd te komen. In het totaal hebben 16 spelers evenzoveel opinies over hun partij.  In het slechtste geval hebben 15 spelers 15 opinies over mijn partij. Ik ben weer eens zwaar in de minderheid. Als ik advocaat was, zou ik ze terugpakken met 15 andere opinies. Ik ben echter op de fiets en heb de feiten opgeschreven in mijn eigen boekje. Het is inmiddels donker en ter hoogte van Oostelbeers besef ik, dat ik  alleen maar bang hoef te zijn voor een lekke band. Tegen een lekke band valt niet te argumenteren. Het feit is lastig maar een videoscheidsrechter totaal overbodig. Op de heenweg was de theorie nog best lastig. Op de terug weg was er maar één feit. We hebben verloren en ik was de hoofdschuldige door een matig briljant paardoffer.  Mijn sterkste argument was, als hij mijn paard op d6 pakt, geeft ik mat op e8. Mat is een van de sterkste feiten. Mijn tegenstander had ook argumenten en zoals al hiervoor betoogd, daar komt altijd ellende van. Hij redeneerde vrij sterk, als ik neem op d6 ga ik niet mat want ik speel dan Df8. Het hele team stond te kijken en het ergste was, dat niemand boos werd. Gelukkig moest ik voor straf, na zessen terugfietsen in de motregen. Pas toen in het donker bleek, dat ik inmiddels op de startbaan van  vliegbasis Eindhoven fietste, begreep ik dat de heenweg een stuk beter was verlopen dan de terugweg. Gelukkig zijn er Marieke en Constantijn, Marieke merkte op dat er meer spelers verloren hadden en we staan desondanks nog gewoon bovenaan. Constantijn veegde de vloer aan met een oude man. De marktwerking in de zorg is keihard.

Toon M

DSC 2 - Stukkenjagers 6: 5-3 

En dus verlieten wij bedrukt en ontevree,
Die gordel van smart ( voor ons toch!)
Die zich daar slingert tussen NAC en Willem II.

En we waren nog wel zo vriendelijk ontvangen in Dongen. Het aanwezige hondje in de speelzaal blafte ons bemoedigend toe –vooral bij foute zetten onzerzijds-, de seniordame naast René z’n bord gezeten, als extra waakhond, wist van geen wijken en toch kregen we in deze ambiance kouwe voeten. Osman Hamraz raakte naar eigen zeggen verblind door de schoonheid van het roodharige barmeisje, liep een rood hoofd op en kreeg een nul. Ikzelf speelde een tam partijtje. Nadat beide koningen de hen beschermende pionnen hadden zien verdwijnen, werd de vlag gestreken, remise. Hoe het de rest verging lees je hieronder in een persoonlijk verslag.

Jan Weijters:
Hierbij mijn verslag van de partij tegen Frans v.d. Burght van de Dongense Schaakclub.
Ik wil beginnen met de constatering dat ik de nederlaag volledig aan mezelf te wijten heb! 
Vanuit Eindhoven vertrok ik 1 minuut te laat met de trein, waardoor ik al direct in de stress raakte. Maar op het traject werd het verschil weer geneutraliseerd. Toen de trein ons beruchte parkeerterrein passeerde zag ik Cees en Ivar staan wachten op de overige leden van het team. Om 12.05 u liep ik snel van het station naar de afgesproken plek. In opperste concentratie werd ik opgeschrikt door het geclaxonneer van onze teamleider die mij enthousiast toezwaaide. 
Even later waren we op weg naar de speellokatie "De Heeren van Dongen". Wij mochten aantreden tegen het tweede team van DSC.
Mijn tegenstander was een gepensioneerde militair, die over de kwalijke eigenschap beschikte om hardop commentaar te geven: dat was niet zo slim van mij, ik maak wel meer fouten, die zet had ik ook gedaan, tja er is niets anders mogelijk, en meer van dergelijke kwalificaties. Best wel irritant, ik weet niet of het bewust was, laat ik uitgaan van het goede in de mens en hem als aardig bestempelen.
De partij begon wild: b2-b4, een opening die bekend staat als de Poolse opening, Sokolsky-opening of de Oerang Oetan. De laatste benaming was van Tartakower die in 1924 tijdens een schaaktoernooi in New York in een dierentuin een Orang Oetan zag die hem deed denken aan de b-pion die bij de Sokolsky-opening omhoog klauterde.
Eigenlijk had ik het plan opgevat om origineel te openen op een rustige e4 of d4-opening, maar nu werd ik zelf verrast. Na even te hebben nagedacht koos ik toch maar niet voor f7-f5 en antwoordde met d7-d5. Hij fiancetteerde de Dameloper en na de opening en in het middenspel stonden zowel mijn pionnen als mijn stukken beter opgesteld met twee aanvallende lopers op de Damevleugel. De hele wedstrijd had ik een goede tijdcontrole, ik stond op dat punt steeds voor. Tegen het eind ging ik wat meer tijd gebruiken omdat ik toch wel aan winnen dacht. Als team stonden wij eerst voor met 2-0 dankzij René en Ivar, echter toen ik als laatste achter het bord de kastanjes uit het vuur moest slepen ging het mis. Ik moest winnen om voor het team een wedstrijdpunt te behalen, ging risico's nemen en dat pakte verkeerd uit. Ergens in de zaal lag een hond onder de tafel van tijd tot te janken en dat wilde ik zelf ook het liefst doen. Ik deed nog een uiterste poging om op de Damevleugel een van mijn pionnen te laten promoveren, maar mijn tegenstander slaagde daar eerder in en toen was het over en uit. Over de opzet van de partij ben ik tevreden maar over het resultaat uiteraard niet. Sorry jongens!

René Davidse:
Bord 8: Met zwart tegen Arnold van de Hout c.s
De klokken werden iets later ingedrukt omdat nog niet alle toeschouwers binnen waren.Het werd een rustige opening van beide kanten met het vierpaarden spel.Ik besefte dat dit een lange zit zou worden met omzichtig manoeuvreren waarbij ik mijn concentratie moest zien vast te houden.Maar nadat ik een drankje aangeboden kreeg van een lieftallige dame en mijn tegenstander niet, flitste het woord uitdrogingsverschijnselen door mijn hoofd.
Maar de partij werd abrupt beëindigd toen rond de 20ste zet een clash ontstond tussen de torens en beide dames.  De dame op het bord wel te verstaan want de dame naast mij toonde toch wel enige sympathie voor mijn spel naarmate de partij vorderde. Zij deed geen vlieg kwaad, dat zag je zo! Na een misrekening van mijn tegenstander waarbij hij zijn dame en één van de torens verloor gaf hij direct op. Mijn eerste punt voor Stukkenjagers 6 is  in de pocket! 
Wil Wouts:
In wezen stond ik goed, echter offerde te snel een stuk om ruimte op zijn koningsvleugel te krijgen.
Dat ik daarna een rekenfout maakte en hem met een tussenschaakzetje de kans gaf een toren te winnen, maakte het niet beter.  Dat we uiteindelijk een 100% betere score hadden dan voorheen is  prijzenswaardig. Er had veel meer ingezeten.
Jan van den Dries:
Het was een spannende partij op bord 5. Ik kwam met wit goed en aanvallend uit de opening en had een sterk centrum met pionnen op c4, d4 en e4. Ik overzag in het middenspel helaas dat ik een pion kon winnen maar tien zetten later won ik een paard door onoplettendheid van de tegenstander. Hij had daarentegen een levensgevaarlijk loperpaar en dwong me uiteindelijk een paard terug te geven. In het eindspel had hij het loperpaar en drie pionnen en ik paard, loper en drie pionnen. Uiteindelijk werd het na herhaling van zetten een toch wel voor beide partijen terechte remise. Mijn eerste externe halfje dit seizoen en dat koester ik dus maar.

Hans van Driel:
Tegenstander bleek mijn d4-opening uit het hoofd te hebben geleerd, nam vervolgens het initiatief over en liet mij verkleumd en verbouwereerd het nakijken met 1 pion meer die kon doorschuiven naar het dame-schap.
Ivar van der Heide:
Ik mocht met zwart op bord 4 spelen tegen Maarten Daamen.Na een wat saaie opening zag ik een kans om zijn  E pion te verdubbelen. Deze kans heb ik maar gepakt want meer zat er volgens mij niet in. Na wat zetjes die er weinig toe deden besloten we het eindspel in te gaan. Als een malle begon mijn tegenstander alles af te ruilen wat er maar te ruilen viel. Op het bord stonden alleen nog pionnen en 2 koningen. Helaas voor mijn tegenstander ( en gelukkig voor SJ6) deed wit 1 zet verkeerd. Ik kon met mijn koning naar het centrum wandelen om zo een veel actievere koning te creeren. Wit deed nog wat nietszeggende pionzetten en besloot toen de handdoek in de ring te gooien. Eindelijk weer een overwinning op mijn naam.
Tja, het had per saldo beter gemoeten, maar hoe doe je dat met kouwe voeten?
Cees Zoontjens

VRIJ NAAR BOB DYLAN

Hoe diep moeten boze woorden
Vallen in de put van de tijd
voordat hun messen niet meer moorden
Het antwoord mijn vrind
verwaait in de wind
Het antwoord verwaait in de wind
wanneer zijn de woorden hun scherpte kwijt
wanneer is het venijn uitgewoed
wanneer is het klaar met de strijd
Het antwoord mijn vrind
verwaait met de wind
het antwoord verwaait met de wind

hoe lang gaat het duren
voordat de rede overwint
opdat we stoppen met verzuren
het antwoord mijn vrind
verwaait met de wind
Het antwoord verwaait met de wind

Hoe lang gaan hun scherpe geuren
niet door
  kunnen dringen
door de kieren van afgesloten deuren
Het antwoord mijn vrind
verwaait in de wind
Het antwoord verwaait in de wind

Wanneer kan een mens zich eindelijk bedwingen
en loskomen van zijn opgehoopte nijd|
zodat
 woorden weer kunnen gaan zingen
Het antwoord mijn vrind
verwaait
 in de wind
Het antwoord
 mijn vrind
vraag het een kind
Theo M